Beste lezer

Over film, literatuur en alles wat mij bezighoudt


Cate Blanchett stopt met acteren (opnieuw)

Daar gaan we weer. Haar vaste fans zuchten inmiddels net zo hard mee als haar familieleden… “My family roll their eyes every time I say it, but I mean it. I am serious about giving up acting.”

Zo’n interview verschijnt in de wereld, en je voelt het al aankomen: de media zullen de essentiële fragmenten eruit trekken en uitvergroten. De korte citaten waar de media op aast, weerspiegelen echter zelden haar volledige boodschap – laat staan de gemoedstoestand waarin ze zich op dat moment bevindt, in dit geval midden in de laatste week van The Seagull. Wat wél blijft hangen, zijn de uitvergrote momenten: hapklare brokjes die zich moeiteloos laten rondstrooien. Of, in haar eigen woorden – en ja, dit is, zo je wilt, een soundbite:

“When you go on a talk show, or even here now, and then you see soundbites of things you’ve said, pulled out and italicised, they sound really… loud.”

In een wereld die zo snel doordendert, op snelheid draait en hongerig is naar de volgende headline, worden langdurige conversaties vaak gereduceerd tot oppervlakkige flarden die meer gericht zijn op het scoren van aandacht dan op het verdiepen van betekenis. Tijdens een uur durend interview zegt ze tegen een journalist:

“I will walk away from here yet again saying to myself, ‘Just answer the question. This is not a conversation.’”

Ik begrijp Blanchetts existentiële twijfel wel. En ik zou haar uitspraak dan ook niet te snel afdoen met: “Die gaat echt niet stoppen, hoor.” Want het voelt alsof ze (opnieuw) beland is in die bekende valkuil: de ‘waarom-doe-ik-dit-in-godsnaam’-fase. Een cyclus van zelftwijfel die, eenmaal serieus binnengeslopen, zich blijft herhalen. Een soort existentiële downward spiral waar je óf uit moet klimmen, óf in moet leren wonen.

Natuurlijk, bij haar is het allemaal van een geheel andere orde, maar de existentiële contouren zijn pijnlijk herkenbaar:

“I’ve spent a lifetime getting comfortable with the feeling of being uncomfortable.”

Het is deze rusteloze staat – het brein als een perpetuum mobile, het onvermogen om stil te staan – die de menselijke ervaring definieert. En misschien verklaart dit ook waarom het werk van Fernando Pessoa zo resoneert in momenten van crisis. Pessoa, die het leven en zichzelf voortdurend bevroeg – notitie aan mezelf: ik moet echt eens iets schrijven over Het boek der rusteloosheid, een boek dat blijft wrikken, schuren en verleiden – schrijft: ‘Ik heb me zozeer buiten mezelf geplaatst en mijn zelfbewustzijn werkt zo louter artistiek dat ik mezelf soms niet herken.’

Zijn woorden lijken bijna voor Blanchetts ‘ik-ga-er-mee-stoppen’-crisis geschreven.

En nu ik er zo over nadenk, misschien moet ík eens stoppen met alles en iedereen te koppelen aan Pessoa of wie dan ook… De literatuur zelf is op die manier een valkuil. Want dat eindeloze associëren is tegelijkertijd troostrijk én uitputtend.

Als trouwe fan hoop ik nog vele jaren te kunnen genieten van Blanchett, zowel op het witte doek als in het theater. Maar wanneer ze besluit haar pad een andere richting op te laten gaan, dan zal ik dat ook begrijpen. Ergens in mij blijft echter het gevoel dat het een verlies zou zijn voor degenen die nog steeds wachten – niet op een soundbite, maar op het échte gesprek.