Beste lezer

Over film, literatuur en alles wat mij bezighoudt


Denken op eigen risico

In Opgespoorde wonderen – de fotosyntheses verzameld doet Rudy Kousbroek iets geniaals: hij schrijft bij een foto een essay van zo’n 800 woorden. Klinkt eenvoudig, maar de combinaties die dat oplevert zijn allesbehalve dat. Neem het stuk ‘Bril’. Daarin beschrijft hij Cambodja onder de Rode Khmer – waar mensen met een bril zonder pardon werden geëxecuteerd. Waarom? Omdat een bril stond voor intellect. En intellect was verdacht, vormde een gevaar voor het regime.

Kousbroek concludeert vervolgens iets dat je niet snel op een tegeltje ziet: “Intellectuelen worden gezien als volksvijandig, niet alleen in totalitaire regimes, maar eigenlijk overal.” En dan gaat hij vrolijk verder: het zit in de politiek, maar ook in de manier waarop kranten en tv-programma’s in elkaar worden gezet. Zelfs in de programmering van bioscoopfilms, in reclames, in hoe we met elkaar praten. Geen ontsnappen aan.

En hoewel hij dit begin jaren 2000 schreef, voelt het vandaag de dag nog steeds fris en wrang tegelijk. Het gebeurt vaak: wanneer ik enthousiast begin te praten over een van de auteurs die ik zó enorm bewonder, merk ik al snel dat ik geassocieerd word met het label ‘arrogante elitaire betweter’, en lopen mensen weg.

Ik merkte dit eens op tegen iemand: “Mensen vinden mij arrogant.” Zij: “Maar dat bén jij niet… Al snap ik wel waarom mensen dat denken.” Tja.

Het resultaat van die manier van denken is een bijna systematische neiging om de ander te onderschatten. Het heilige ‘doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg’-mantra. Waarbij ‘normaal’ blijkbaar betekent: leg het uit alsof je tegen een goudvis praat, en gebruik vooral geen woorden die in een boek van meer dan 200 pagina’s voorkomen. Je ziet het vooral bij politici: alles moet begrijpelijk, toegankelijk, hapklaar — zolang het maar geen ingewikkelde gedachten oproept.

Misschien is het ook echt makkelijker, dat simpele. Ik geloof dat best. Alleen: ik ben er zelf niet zo goed in. Sterker nog, ik struikel over ‘simpele’ dingen, die dus kennelijk niet zo simpel zijn. Zo viel ik laatst in het Journaal in makkelijke taal. Dat voelde voor mij alsof ik in een interactief kinderboek terecht was gekomen. Heel educatief en absoluut goed dat het bestaat, maar voor mij letterlijk niet te volgen.

Fernando Pessoa zei het al – of nou ja, zijn alter ego in Het boek der rusteloosheid:
“Het bij mij altijd even sterk aanwezige gevoel dat ik afwijk van de anderen, is geloof ik terug te voeren op het feit dat de meerderheid denkt met het gevoel en dat ik voel met het denken.”

Best herkenbaar. Ik probeer mensen al jaren uit te leggen dat het leven voelt als rondlopen in een andere film. Daar kan deze arrogante kwast met de beste wil van de wereld ook niks aan doen. Het leven is nu eenmaal geen makkelijke taal.